zondag 1 februari 2026

Mijmering 9 2026...Spinazie met aardappel/knolselderij puree, de woensdagvriend in actie en workshop knutselen herinneringen...

Beste mensen, 

Heel de natuur spreekt een taal van ontluikende lente, naar wie wil luisteren en nog oren en ogen en een hart heeft, om die taal te verstaan. Ik gun jou dat geluk…

Annemiek.

Mijmering 9 2026

Tip…Tijdmanagement ramen lappen en gordijnen wassen. Mijn hulp in de huishouding en ik werken samen. 

De glasgordijnen op de eerste verdieping werden afgepakt, en gingen een voor een in de wasmachine. 

De hulp heeft ze weer opgehangen en werden door mij de stekjes van de vensterbanken gehaald 

en de vensterbanken schoongemaakt. Van binnen en buitenkant.

De ramen werden door de hulp gewassen en heb ik de radiatoren met de kwast stofvrij gemaakt. 

Om niet op het bed te hoeven klauteren had de hulp een tip, om bovenkant schilderij te stoffen.

Een goed uitgeknepen natte doek om de kwast en losjes over bovenkant schilderij halen. 

Werkt dus perfect…

Twee uur vlogen om en de badkamer en trappenhuis komen volgende week aan de beurt.


Tip 2… Als het ijs van het opgevangen regenwater is gesmolten, 

worden weer emmertjes regenwater binnen gehaald. 

Om pannen en kommen in de week te zetten. 

Dat bespaart veel gezuiverd waterverbruik.


Tip 3…Hergebruik… Ik ben nog steeds aan het ontspullen en grote enveloppen worden hergebruikt 

om o.a. schriftjes en rapporten van Samir veilig in op te bergen. Op de buitenkant staat geschreven wat erin zit.

Vele schrijfsels dwarrelen je brievenbus binnen, meestal met onbeschreven achterkant. 

Na lezing van de flauwe kul die niet ter zake doet, vouw ik ze dubbel en zet het woord “klad”
in de linkerbovenhoek. 

Ze worden gebruikt als boodschappenlijstjes of rekenblokjes of wat dan ook. 

Daar hoeft geen schrijfblok voor gekocht…of nog erger printpapier.

Tip 4…Spinazie en aardappel/knolselderij puree.

Ingrediënten/werkwijze:

De knolselderij die over was van de soep van enkele dagen daarvoor, was in schijven gesneden. 

De bruine vlekjes die je ook wel bij pastinaak ziet is niets mis mee, al noemen ze het “roestvlekjes.” Het is zeker geen "rot."

Twee aardappels schillen en in schijven gesneden samen met de stukken knolselderij opzetten. 

Daar kwamen alle schijven knolselderij bij die vanaf kookpunt drie minuut moeten meekoken. 

Dat noemen ze blancheren. Water tot het onderstaat en zout komt later.

Op tijd de schijven knolselderij verwijderen en kan iets zout in de pan.

Bij de aardappels en stukjes knolselderij wordt een ei te water gelaten en 8 minuut meegekookt. 

Ook op tijd eruit halen.

Een halve zak spinazie afspoelen en in een pan klaarzetten. Natuurlijk zonder water! 

Er staat wel “gewassen” op de zak maar hoe? 

In ieder geval moet spinazie kort slinken en doe je als de puree bijna klaar is.

De pit gaat aan onder de spinazie pan als de aardappels en consorten is afgegoten en gestampt.

Daar ging een klontje boter bij en nootmuskaat plus een weinig kookvocht.

De pannen worden even terzijde gezet als in een koekenpannetje een schijf knolselderij wordt gebakken,

 in iets zonnebloemolie. Oh ja… peper/zout ging erop.

Een roux wordt gemaakt van een klontje boter smelten met ongeveer evenveel (glutenvrije) bloem. 

Daar heb ik toch maar gewone halfvolle melk bij gedaan en ja de saus is niet mooi glad omdat mijn handen niet trilden toen ze moesten trillen…

Het experiment van de schijf knolselderij paneren zal ik jullie maar besparen.

 Dat is mislukt en Sonja krijgt haar bruin glutenvrije bloem terug. 

Ik heb gemerkt dat paneren helemaal niet nodig is. 

De schijven knolselderij die over waren kwamen in de vriezer voor een soepje te zijner tijd.

Mijn leventje…Ik heb weer een haverbrood gebakken. Deze keer met lactosevrije yoghurt.

 Nergens last van en dat geeft een beter gevoel dan die overdreven verpakte gluten/lactose vrije broden van de supermarkt.

 Petra en ik deden warenonderzoek. Het gekochte brood varieerde van wit naar bruin, vijftien sneetjes voor 5 tot 7 euro al of niet ingevroren. 

Verder veel te zout en sommige sneetjes waren zo dun, dat je de krant erdoor kon lezen.

Ik dacht dat mijn ogen weer achteruit waren gegaan, omdat ik twee Jantjes eekhoorn op mijn hofje zag. 

Allebei met witte buikjes en welgevulde lijfjes. 

Het schijnt een eeneiige tweeling te zijn en voor het gemak moeten ze de naam Jantje maar delen.

De duif die ik Teun heb genoemd en steeds de rommel van de doppinda’s op de grond nakijkt, (of er nog iets inzit) bracht ook al een maatje mee. 

De een iets kleiner dan de ander volgens Manuela die alles van vogels weet.

In regenwater geweekt,
kan de afwas wachten.
Ik zie het verschil alleen als ze naast elkaar zitten. De kleinere wacht gelaten tot hij/zij aan de beurt mag komen, dus zal wel een vrouwtje zijn. Ocharme… dat wordt dus Teun en Eega…

Verhaal terug in de tijd…Na mijn derde echtscheiding ben ik nooit meer samen gaan wonen. Ik was apetrots in mijn eigen onderhoud te kunnen voorzien. Het voelde als ultieme vrijheid. Geen kritiek meer dat ik mijn studerende zoon steunde die in die tijd op Hogeschool Fontys in Eindhoven studeerde.

In het weekend bracht hij wel eens een vriendin mee waar ik bedenkingen over had. Gewoon afwachten en aanwezig blijven zonder commentaar, want ik zag ze meestal maar kort want mijn zoon wisselde vriendinnen als zijn T-shirts. Van blank naar donkerbruin getint. Ik kon niet meer doen dan veel Durex meegeven bij de schone was…


Ondertussen had ik een stamkroeg in Cadier en Keer waar een Brabants echtpaar in zat. 

In het weekend bracht ik daar wel eens een avondje door en nam ook wel eens Samir mee. 

Met voorbedachten rade uiteraard. 

Peter is in het cafeetje ook een poosje klant geweest…en heeft daar een vriendin opgedaan, maar dat is een ander verhaal…

Het kroegje was zo klein dat ze de kerstboom aan het plafon hingen, wat nog in de krant heeft gestaan.

Er was een kleine ruimte achter het cafeetje waar de voorraad stond rondom een bed  model twijfelaar en dat dekte de lading. 

Wel of niet naar huis want het stel bleef bij slecht weer daar wel eens overnachten. Ze hadden in Maastricht een huis.

 Ik heb ook wel eens tussen de kratten overnacht als er teveel colaatjes tic waren gedronken. 

Daar werd niet moeilijk over gedaan… Veiligheid voor alles. 

De tijd verstreek en mijn liefste vrije tijd momenten waren tuinwerk en knutselen met alles wat de natuur ons gratis brengt.

Van tijd tot tijd gaf ik “natuurkunst” lessen aan groepjes vrouwen. De opbrengst ging in een pot voor mijn studerende zoon die stage wilde lopen in Amerika.

Vanaf begin november lagen complete Kerstbomen in mijn woonkamer en kwam de tegelvloer goed van pas. 

Ik veegde zes weken lang de vloer een beetje aan, verder niets en de week voor Kerst deed ik de grote schoonmaak.

Dan moest meestal een muurtje in de woonkamer opnieuw in de latex en zo gebeurd. Mensen tipten me als de groenvoorziening ergens berkenbomen ging omzagen.

Daar snoeide en zaagde ik de grote takken vanaf. Ze werden bijeen gebonden en kwamen in de opslag achter mijn schuur.

We maakten eenden en zwanen van berkentakken en natuurlijk kransen. Het liefst buiten op mijn hofje… De vader van een vriendin die oncoloog was had een stukje bos achter zijn huis. Daar mocht ik mos uitsteken.

Zo heb ik eens een ongewenst mierennest meegebracht en werden de vrouwen allemaal in hun armen gestoken. De mieren waren het duidelijk niet eens met de verhuizing. Mierenbeten zijn onschadelijk maar jeuken en werd de azijnfles doorgegeven.

Een tafeltje uit de wachtkamer van de arts met het bos, heb ik na zijn overlijden als
aandenken gekregen en is mijn mooiste huislooktafeltje. Als dank heb ik mijn liefste kip nog naar zijn dochter vernoemt. Ze heeft twaalf jaar geleefd.

Op dit moment ben ik de voorbeeld boeken vol foto’s van die workshops aan het opruimen en de vrouwen die op de foto’s staan krijgen een mapje met foto’s in hun brievenbus.

Vlakbij aan de bosrand was een volkstuin waar ik een stukje van 50 vierkante meter  huurde. Toen de woensdagvriend in mijn leven kwam heeft hij dat stukje menigmaal in het voorjaar omgespit.

Dat waren heerlijke nostalgie dagen met koffie mee en broodjes. Een boer bracht een hoge berg mest die per kruiwagen werd verrekend. Johan maakte eerst een sleuf van twee schoppen diep.

De aarde die daar uit kwam ging op een hoop aan het einde van het landje. Ik haalde met de kruiwagen mest van de hoge berg. Die werd onderin de sleuf verspreid. Daarop kwam de aarde van de volgende sleuf.

Johan is een van de zonen van een boer en heeft de MTS/HTS doorlopen. Dagelijks met de trein naar Sittard en later Roermond. Grote pakken huiswerk mee o.a. technisch tekenen die hij op zón kantelbaar bord maakte. Dat was nog zo in die tijd.

 Hij heeft  nog tot zijn 40e  doorgeleerd, in weekends en avonduren, maar was toen al lang aan het werk. Mee aanpakken op de boerderij bleef en dat zag je. Hij was verantwoordelijk voor onderhoud van de moestuinen rondom de boerderij. Daar moest het grote gezin van eten. Zijn moeder bepaalde wanneer het land “om moest,” en heeft hij gedaan tot hij uit huis ging. Ik ben gek op die verhalen van de oude boerderij...  In ieder geval kon hij naast technisch tekenen, koeien melken met de hand, garven binden (toen dat nog met de hand werd gedaan) en perfect spitten.

Je kon een meetlatje naast de sleuf leggen en in zijn lijf en bewegingen zat een soort
automatisme als hij begon te spitten. 

Dat waren pure geluksmomenten  vele dagen lang en die herinneringen hebben we gisteren nog opgehaald…

Annemiek.